Titel?
Een norm is voor velen slechts een technisch document. Een lijst met afspraken over definities, eisen en bepalingen. Iets waar je pas naar kijkt als het moet: bij aanbestedingen, vergunningen of discussies over meetmethoden. Maar wie ooit aan een norm heeft meegewerkt, weet dat een norm veel meer is. Een norm is het resultaat van debat, botsende belangen, wetenschappelijke inzichten, praktijkervaring én gezamenlijke ambitie. En juist in het bodemwerk staan we op een kantelpunt waar die gezamenlijke ambitie relevanter is dan ooit.
Want het bodemwerkveld verandert. We kijken lang niet meer alleen naar hoe schoon een bodem is. Waar normen decennialang een sleutelrol vervulden bij het vinden en beheersen van verontreinigingen, staan we nu voor een ander vraagstuk: Hoe maken en houden we onze bodems gezond? Wanneer is een bodem gezond, en hoe meten we dat?
Maar dit is niet de enige verandering. Ook het niveau van beleid en normalisatie voor de bodem verandert. Nederland heeft zowel beleid als normalisatie altijd nationaal ingericht. Inmiddels verschuift het speelveld: Door de nieuwe EU Soil Monitoring and Resilience Directive en de toenemende aandacht voor mondiale bodemopgaves verschuift de aandacht steeds meer naar Europese (CEN) en mondiale (ISO) normalisatie. Dit is voor ons zeker niet nieuw - Nederland is sinds de start van internationale normalisatie van de bodem koploper geweest - maar toch breekt er een nieuwe, dynamische en spannende tijd aan.
Want deze transities brengen nieuwe opgaves met zich mee. Alleen door met verschillende stakeholders samen te werken kunnen we handen en voeten geven aan de ingewikkelde vraagstukken die op ons afkomen. En juist daar begint voor mij de meest interessante dynamiek van normalisatie: Het veranderen van het systeem van afspraken door kennis, beleid en praktijk met elkaar te verbinden. De mix van maatschappelijke transities, onzekerheden en snel ontwikkelende kennis zorgt voor nieuwe energie. En ja, ook stevige discussies. Iedereen kijkt immers vanuit de eigen bril naar de opgaven. Juist doordat iedereen hetzelfde doel voor ogen heeft - het werken naar een gezond bodemsysteem - leidt die discussie uiteindelijk tot betere uitkomsten.
Het inzicht uit de discussies die ten grondslag liggen aan normen wordt naar mijn idee vaak onderschat. Het gesprek zorgt voor wederzijds inzicht, iets dat vandaag de dag alleen maar belangrijker wordt. Zelf ben ik geen bodemexpert, ik ondersteun de echte experts richting afspraken. Toch zullen de inzichten en contacten uit het normalisatiewerk en de ervaring in het samenwerken met verschillende partijen op (inter)nationaal niveau mijn hele leven van waarde blijven. Dat is voor mij de waarde van normen.
Michel Post
NEN
Michel Post is consultant normalisatie bij NEN en secretaris van de bodemgerelateerde normcommissies ‘Onderzoeksstrategie en veldwerk’ en ‘Bodemgezondheid’. Hij studeerde biologie in Leiden en internationaal duurzaamheidsbeleid in Amsterdam, waar hij geïnteresseerd raakte in het vertalen van internationale maatschappelijke uitdagingen in de praktijk. Een bodemexpert is hij niet: Als secretaris begeleidt en adviseert hij experts op proces en strategie voor normalisatie op nationaal, Europees en mondiaal niveau.